Fortuynisme relevanter dan ooit

Negentien jaar na de moord op Pim Fortuyn dendert zijn politieke erfenis nog steeds door. Als trendsetter brak hij het bestel open voor buitenstaanders en startte hij een zelfbenoemde ‘koude oorlog’ tegen de islam. Zijn belangrijkste wapenfeiten, de menselijke maat en het politieke debat, zijn thema’s waar Den Haag juist vandaag de dag mee worstelt.

Op 15 mei 2002 behaalde Fortuyn postuum een monsterzege bij de Tweede Kamerverkiezingen – zijn Lijst Pim Fortuyn denderde met 26 zetels het parlement binnen. Twee decennia later zetten de Partij voor de Vrijheid, Forum voor Democratie en JA21 Fortuyns strijd tegen de elite en de islamisering van Nederland voort. De afgelopen jaren duidden zowel politici als politicologen het Fortuynisme dan ook als ‘Nederland is vol.’ Oftewel: rechts en populistisch. Dit is niet alleen onjuist, maar miskent Fortuyns belangrijkste wapenfeiten: zijn strijd tegen schaalvergroting in de collectieve sector en de vastgelopen bestuurderscultuur.

Waar de samenleving in een ramp tempo moderniseert, moest de overheid volgens Fortuyn in eenzelfde tempo mee moderniseren. Waar de wereld globaliseert, moest de overheid juist kleinschaligheid bewaken. De menselijke maat moest centraal staan. Kleine ziekenhuizen, kleine scholen, een politiebureau om de hoek en kleine gemeenten. En ja: de grenzen zoveel mogelijk dicht. Ieder dorp zou één loket moeten hebben waar je al je overheidszaken in één ruk en op een menselijke manier af kunt handelen.

Oplossingen vonden voor deze uitdagingen, schreeuwde volgens Fortuyn om een nieuwe wijze van politiek bedrijven, wars van traditionele scheidslijnen. “Je zult toch het verhaal op een wat andere manier moeten vertellen”, constateerde hij. “Omdat de scheidslijn op het ogenblik niet meer via ideologieën loopt. Ook niet meer via godsdienst. Die loopt gewoon via oud en nieuw. Goed en slecht. Werkt het wel of werkt het niet. Zo zit de moderne mens in elkaar.”

Fortuyn omarmde weliswaar het poldermodel, maar klaagde steen en been over de poldercultuur. Hoewel de Paarse kabinetten begin jaren negentig volgens hem “hoopvol” van start gingen, sloten de ramen zich al snel. Het torentjesoverleg tussen de coalitiepartners maakte een gezond debat in de Kamer onmogelijk. Racistische labels voor iedereen die immigratie ter discussie stelt, bevroor het publieke debat hierover. Tegenstellingen juichte hij toe. “Eerst verkiezingen, dan pas compromissen sluiten” luidde zijn devies.

Het Fortuynisme is zowel inhoudelijk als qua stijl nog relevanter dan negentien jaar geleden. En hoewel diverse politici de afgelopen jaren claimden het gedachtengoed van ‘professor Pim’ voort te zetten, slaagde vooralsnog niemand erin om zijn belangrijkste wapenfeiten te realiseren.

Keuzestress? Wees blij!

Deze verkiezingen lijken er diverse nieuwe partijen de Tweede Kamer binnen te stormen, waaronder Volt en JA21. Telt ons parlement straks zeventien partijen? Dat zou zomaar kunnen. Komt er een ingewikkelde formatie? Ongetwijfeld. Worden Kamerdebatten nóg langer? Reken er maar op! Toch is dit stukken beter dan het alternatief aan de overkant van de oceaan: altijd maar weer kiezen tussen A of B.

Waar in andere westerse democratieën nieuwe partijen opkwamen en de politiek opschudden, zit het Amerikaanse tweepartijensysteem muurvast. Democraten of Republikeinen, rood of blauw, Coca-Cola of Pepsi, meer smaken zijn er niet.

Voor politieke aardverschuivingen als die van Silvio Berlusconi, Pim Fortuyn en Emmanuel Macron, die met nieuw opgerichte partijen de gevestigde orde de baas waren, is in de Verenigde Staten geen enige ruimte. Het is dé reden waarom Donald Trump de Republikeinse partij overnam – hij had een vehikel nodig dat hem naar het Witte Huis kon brengen.

Het klinkt eenvoudig: kiezen tussen links of rechts, maar veel kiezers kijken vandaag de dag niet meer met deze traditionele, ideologische bril naar de politiek. Progressief of conservatief? Een grote of kleine overheid? Meer of minder marktwerking? Het zijn keuzes die voor veel mensen geen beslissende rol meer spelen. De vraag die veel kiezers zich stellen is veel persoonlijker: Wie ben jij en wat ga jij voor mij doen?

Omdat oude tegenstellingen verdwijnen en daar geen nieuwe voor in de plaats zijn gekomen, is in het Amerikaanse politieke debat de haat voor de ander inmiddels leidend. De verkiezing tussen Trump en Hillary Clinton werd versimpeld in een keuze tussen een clown of een crimineel. In 2020 was de keuze nóg bedroevender: een dictator-in-wording of een demente bejaarde. Kiest u maar.

In Nederland leidde de teloorgang van oude ideologische scheidslijnen naar een vorm van ombudspolitiek. Veel politieke partijen komen slechts op voor deelbelangen, zoals ouderen, dieren, immigranten of ondernemers. Mark Rutte zei het vorige week terecht: de VVD lijkt in dit speelveld de enige overgebleven volkspartij.

Ook ons stelsel is niet perfect. Wellicht is het voor kiezers handiger als eensgezinde partijen zich in blokken verenigen en op hoofdlijnen hetzelfde beloven, zoals in Noorwegen. We kunnen nieuwe partijen ook dwingen om iets meer steun te vergaren voordat ze in het parlement komen, bijvoorbeeld door de kiesdrempel van één naar vijf zetels te verhogen. Interessante ideeën die de moeite van het overdenken waard zijn.

Maar niet vandaag. Laten we vandaag vooral koesteren wat we hebben: een luxemenu aan partijen waar we uit kunnen kiezen. Keuzestress? Wees blij!

De afzetting waar niemand op zit te wachten

Vandaag start in de Senaat de rechtszaak tegen Donald Trump – een politieke rechtszaak waar vrijwel niemand meer op zit te wachten.

De Senaat moet oordelen over de uitspraak van het Huis van Afgevaardigden, dat Amerika’s 45e president verantwoordelijk is voor de gewelddadige opstand van 6 januari, met een bestormd Capitool en overleden politieagenten tot gevolg. Pas als de Senaat Trump veroordeelt, is hij echt afgezet.

Senatoren oordelen puur politiek – niet de bewijslast, maar de politieke weging is leidend.

Zo was het in de jaren negentig klip en klaar dat president Clinton onder ede had gelogen over zijn relatie met Monica Lewinsky. Een meerderheid van de senatoren vond deze leugen, hoewel bewezen onder ede, niet zwaar genoeg om de president naar huis te sturen. Clinton werd vrijgesproken.

De Senaat sprak Trump vorig jaar nog vrij van andere beschuldigingen waar het Huis hem wél voor veroordeelde, waaronder machtsmisbruik. Ook deze vrijspraak kende geen juridische grondslag. Nee, de strafzaak tegen de president was volgens de meeste Republikeinen een ‘circus’ of een ‘heksenjacht.’

Deze tweede rechtszaak tegen Trump verloopt ongetwijfeld niet veel anders. Om Trump af te zetten moeten 67 van de 100 senatoren hem schuldig bevinden. Hiervoor zijn minstens 17 Republikeinen nodig. Mission impossible. Maar liefst 45 van de 50 Republikeinse senatoren stemden zelfs tegen het überhaupt organiseren van de rechtszaak – het zou ongrondwettelijk zijn om een reeds afgezwaaide president met terugwerkende kracht uit zijn ambt te zetten.

Nu de stemming er toch komt, moeten ze kleur bekennen – straffen de Republikeinen Trumps gedrag af of niet? Of zoals de Democraten het verwoorden: zitten ze nog onder de plak of niet? Het is een van de redenen waarom de afzettingsprocedure überhaupt plaatsvindt.

Er is nóg een reden: een stemming die Trump verbiedt om zich in de toekomst nog kandidaat te stellen. Deze stemming vereist slechts de steun van 51 senatoren en is dus wél haalbaar. Het is echter de vraag of de Amerikaanse politiek zichzelf hiermee een plezier doet. Bepalen kiezers immers niet wie er wel of niet in het Witte Huis eindigt?

Ook Amerika’s 46e president zit niet op de rechtszaak te wachten. Biden heeft liever dat de senaat over zijn voorstellen vergadert dan over het lot van een reeds vertrokken voorganger. De president vraagt zijn oud-collega’s in de Senaat daarom om flexibel te zijn in hun vergaderstijl. Misschien kunnen ze ’s ochtends Trump behandelen, om zich vervolgens ’s middags over zijn coronasteunpakket te buigen? Het voorstel om Amerika’s infrastructuur te herbouwen, moet dan maar even wachten.

De Amerikaanse hoofdstad blijft in de ban van Trump. Hiermee is hij wellicht de enige die wél blij is met de rechtszaak.

Nou ja, Amerika’s media zijn dat ook. Nieuwszenders smullen van het politieke schaakspel – de afzettingsprocedure is immers goed voor de kijkcijfers.

Zo zijn we weer terug bij af: Trump als kijkcijferkanon. Wie weet waar dat allemaal toe kan leiden.

Compromis of capitulatie?

Amerika’s 46e president woont een week in het Witte Huis, maar van een zachtere toon is in Washington nog geen sprake.

De inaugurele rede van Joe Biden stond in het teken van eenheid en bouwt daarmee voort op zijn campagne. Zoals de president het steevast zegt: het is hoog tijd om de temperatuur te verlagen. De toon vanuit het Witte Huis is weliswaar zalvender, maar in het congres gaat het er hard aan toe.

Zo droeg het Huis van Afgevaardigden hun afzetting van de voormalige president aan de Senaat over – daar beslissen senatoren de komende weken of het daadwerkelijk tot een veroordeling komt. Republikeinse senatoren stemden massaal tegen het behandelen van de afzetting van de reeds vertrokken president, omdat dit ongrondwettelijk zou zijn. Een nipte meerderheid van de Senaat stemde echter voor, waardoor de politieke rechtszaak doorgaat.

Ondertussen drukt senaatsleider Chuck Schumer armpje met zijn Republikeinse collega, Mitch McConnell. Beide partijen hebben vijftig zetels, maar de Democraten tikken met behulp van vicepresident Kamala Harris de 51 zetels aan. Schumer overweegt om voor belangrijke wetsvoorstellen het minimumaantal zetels van 60 naar 51 te verlagen. MSNBC-presentator Joe Scarborough waarschuwde direct: als je het prima vindt dat de Republikeinen dit, zodra zij weer de macht hebben, ook doen, ga dan vooral je goddelijke gang.

Geruzie over de afzettingsprocedure en de senaatsregels ten spijt, wil Schumer ook doorpakken en zoveel mogelijk progressieve rechters benoemen. Hij wil hiermee tegenwicht bieden aan het leger van rechters die Trump en McConnell de afgelopen jaren aanstelden. In het Hooggerechtshof is er dankzij Trump en McConnell de komende decennia hoe dan ook een conservatieve meerderheid. De Democraten overwegen daarom om extra rechters aan het negentallige hof toe te voegen, hetgeen de Republikeinen opnieuw ongrondwettelijk noemen. Een speciale commissie adviseert president Biden later dit jaar over hoe het hof (let op) te ‘hervormen.’

Ondertussen roeren de flanken zich. Trump dreigt met de oprichting van zijn eigen partij, de Patriot Party, als de Republikeinen zijn leiderschap in twijfel trekken. Congresleden die voor zijn afzetting stemden, zoals Liz Cheney, wil hij uit de partij zetten. Democratisch congreslid Alexandria Ocasio-Cortez dreigt om haar partijgenoot Schumer af te zetten – ze verwijt hem een te verzoenende toon richting de Republikeinen.

Ondanks de zalvende toon van de nieuwe president staat in Washington het compromis voor veel politici nog steeds gelijk aan capitulatie, hetgeen iedere vorm van samenwerking – en daarmee oplossingen die de levens van Amerikanen verbeteren – in de weg staat.

Een beetje van B(e)iden

Een nieuw jaar brengt nieuwe energie. Hopelijk geldt dat ook voor de nieuwe president, die ondanks zijn hoge leeftijd een enorme klus moet klaren. Als Joe Biden op 20 januari het Witte Huis betreedt wacht hem niet alleen de coronacrisis, maar ook een economische crisis.

Met Biden in het Witte Huis en Donald Trump als (zelfbenoemd) president in ballingschap gaan de Verenigde Staten een nieuwe, interessante fase in. Daarom start ik samen met mijn oude schoolmaatje Koen Hansen, inmiddels 100%NL Ochtendshow-DJ, de podcast Een beetje van Biden. Hierin bespreken Koen en ik wekelijks de laatste ontwikkelingen rondom de president en zijn politieke tegenstanders.

In Nederland hebben we de neiging om na de verkiezing van een Democratische president de Republikeinen volledig te vergeten. Dat zou onverstandig zijn, want Biden won de verkiezingen nipt. Hij kreeg weliswaar landelijk zeven miljoen stemmen meer dan Trump, maar in het Amerikaanse kiesstelsel win je daar enkel de poedelprijs mee. Dankzij de kracht van de kiesmannen kwam president Trump dichtbij een herverkiezing.

De afgelopen dagen zaaide de uitgaande president opnieuw twijfel over de uitslag. In een – expres – uitgelekt telefoongesprek probeert Trump partijgenoten in Georgia zover te krijgen om de uitslag ongeldig te verklaren. Bizar? Ja. Verrassend? Nee.

Het telefoongesprek van Trump past in zijn exit-strategie. Door bovenal strijdbaar te blijven, tracht hij te houden wat hij heeft: de macht over de Republikeinse partij, steun van zijn achterban en flink wat media-aandacht.

Terwijl Trump blijft briesen zal Biden de komende maanden vooral proberen om, zoals hij dat noemt, ‘de temperatuur te verlagen’. Biden wil weer naar elkaar luisteren. Compromissen sluiten. De Volkskrant vroeg mij onlangs wat de eerste actie van de president zal zijn. Geen twijfel mogelijk: zowel Democraten als Republikeinen in het Witte Huis uitnodigen. Biden moet ook wel: de Republikeinen zijn machtig in de Senaat en wonnen bij de verkiezingen zelfs zetels in het Huis van Afgevaardigden.

Zelden kreeg ik zoveel reacties na een tv-optreden als bij Op1 in november, waar Jörgen Rayman en Machteld Roehoff de loftrompet over Kamala Harris staken. Natuurlijk: de verkiezing van de eerste vrouwelijke vicepresident is een mooi en historisch moment. Maar, zo zei ik, laten we nou ook niet overdrijven en de trends achter Trump vergeten. We kunnen Harris wel de Nobelprijs voor de Vrede uitreiken, maar dat bleek bij president Obama in 2009 nou ook niet bepaald een succes.

Wie de Amerikaanse politiek wil volgen, doet er goed aan om niet alleen Biden, maar beide kanten in de gaten te houden. Hopelijk helpt de podcast van Koen en mij hierbij. De eerste aflevering verscheen deze week en is te beluisteren via Apple PodcastsSpotify en SoundCloud.

De kracht van de kiesmannen

De veelbesproken kiesmannen hebben gesproken: Joe Biden is de winnaar van de presidentsverkiezingen. Het laat niet alleen zien dat de Amerikaanse democratie springlevend is, maar ook waarom de kiesmannen zo’n belangrijke rol spelen.

In een reactie op de telling van de kiesmannen roemde Biden de integriteit van het Amerikaanse kiessysteem. “Het was eerlijk, vrij en onpartijdig.” Dat klopt. Alle commentatoren die ons de afgelopen maanden deden geloven dat de democratie op instorten stond, overdreven schromelijk.

Terug naar de kiesmannen. In Lang leve Trump wijd ik een heel hoofdstuk aan de kiesmannen. Zij vormen namelijk een essentieel onderdeel van de Amerikaanse democratie omdat ze onderstrepen dat de Verenigde Staten precies dàt zijn: ‘verenigde’ staten.

Amerikanen kiezen hun politici – van de burgemeester tot en met hun senator die ze naar het congres sturen – lokaal. De enige politicus die ze landelijk kiezen, is de president, maar ook die moet lokaal gedragen worden. Daarom stemmen de Amerikanen per staat. De kandidaat die verspreid over de Verenigde Staten zijn of haar steun vergaart, beloont. Met andere woorden: veel stemmen in grote staten als Californië en New York binnenharken is leuk, maar het levert je geen extra punten op.

De afgelopen jaren neemt de kritiek op de kiesmannen toe. De Democraten vinden het systeem ondemocratisch. Van de acht presidentsverkiezingen sinds 1992 kreeg de partij landelijk zeven keer meer stemmen, maar werd hun kandidaat ‘maar’ vijf keer tot winnaar uitgeroepen. Twee keer, in 2000 en 2016, zorgden de kiesmannen voor een correctie. Ook dit jaar, waarin Biden landelijk zo’n zeven miljoen stemmen meer dan Trump kreeg, werd de president dankzij de kracht van de kiesmannen alsnog bijna herkozen.

Hoewel president Trump zijn achterban steevast ‘de zwijgende meerderheid’ noemt, vormen zijn supporters eigenlijk een minderheid van zo’n 45%. Toch kunnen zij dankzij de kiesmannen een politieke meerderheid worden. Het kiesstelsel doet dus waar het voor bedoeld is, als een zoveelste ‘check’ in een systeem van checks and balances, voorkomt dat de meerderheid zomaar over de minderheid heen walst.

Initiatieven om de kiesmannen de nek om te draaien, sneuvelen keer op keer. Voor zo’n ingrijpende wijziging heb je immers beide partijen nodig. Lokaal zijn er diverse acties op touw gezet om de kiesmannen via een omweg buitenspel te zetten, bijvoorbeeld door in zoveel mogelijk staten wetsvoorstellen aan te nemen die alle kiesmannen van die staat voortaan aan de winnaar van de popular vote, oftewel de landelijke winnaar, toewijzen. Als genoeg staten staten die samen een meerderheid van de kiesmannen vertegenwoordigen, dit beslissen, staan de kiesmannen in feite buitenspel. De kans dat dit lukt is echter klein. Deze voorstellen worden door lokale Democraten ingediend en Republikeinen kunnen dit zodra ze aan de macht zijn weer terugdraaien.

Het was tekenend dat Hillary Clinton, een uitgesproken tegenstander van de kiesmannen, gisteren samen met manlief Bill als kiesman in de staat New York fungeerde. De kracht van de kiesmannen is en blijft groot.

En laten we eerlijk zijn: het zorgt ook voor mooie televisie!

President in ballingschap

De afgelopen vier jaar beheersen chaos en conflicten ogenschijnlijk het nieuws uit het Witte Huis. Al die ruzies en relletjes leiden echter af van de mechanismen die erachter schuilgaan. De afgelopen weken zijn niet anders. De weigering van de president om zijn verlies toe te geven, past in zijn exit-strategie: aan de macht blijven.

Door zijn kont tegen de krib te gooien, legt de president een belangrijke basis voor de komende jaren. Jaren waarin hij de enorme media-aandacht, passionele steun van miljoenen Amerikanen en het partijleiderschap van de Republikeinse partij niet kwijt wil. Trump mag dan aftreden, hij blijft de president van ‘zijn’ achterban.

Vannacht werd bekend dat de president officieel toestemming heeft gegeven om de transitie van Joe Biden te starten, maar tegelijkertijd zijn rechtszaken doorzet. Door onder het mom van vals spel af te treden, wil Trump een president in ballingschap worden.

Critici wijzen erop dat Trump met zijn acties de wittebroodsweken van Biden bemoeilijkt en mogelijk de hele democratie om zeep helpt. Dat laatste is schromelijk overdreven – Trump heeft het recht om te vragen om hertellingen en of hij het nu wil of niet, als de uitslag niet verandert vertrekt hij op 20 januari gewoon uit het Witte Huis. Bronnen rondom de president bevestigden al eerder dat hij dit zelf ook weet.

Hoe zien de komende jaren er dan uit?

Door te verkassen naar Mar-a-Lago, door de pers de afgelopen jaren al het winter-Witte Huis genoemd, houdt Trump straks kantoor in zijn eigen versie van het Witte Huis. Door twitter als megafoon te blijven gebruiken, blijft hij de traditionele media bespelen. En door boven de markt te laten hangen dat hij in 2024 weer een gooi naar het presidentschap doet, houdt hij de Republikeinse partij in zijn greep en bevriest hij de kansen van potentiële opvolgers. Presidentscampagnes komen immers lastig van de grond als de partijmachine al bezet is en donateurs hun geld op zak houden.

Als bijkomend voordeel kan Trump zijn gepassioneerde achterban bijvoorbeeld enthousiasmeren voor zijn eigen televisiezender en mogelijke juridische problemen als politieke heksenjachten wegzetten.

De afgelopen maanden luidde de meest gestelde vraag: wie gaat er winnen? De afgelopen weken stond er een andere vraag met stipt op één: wanneer geeft Trump zijn verlies toe? Een veel interessantere vraag is: welke Republikein durft het straks aan om ‘hun’ president van zijn troon te stoten? De club houdt zich voorlopig stil.

Voorlopig blijft de Republikeinse partij daarom de Trump-partij – een club die America First heeft omarmd en weinig trek heeft in het compromis. Dat bemoeilijkt niet alleen de wittebroodsweken van Biden, maar zijn hele ambstermijn.

Leren we de lessen van Trump?

Vandaag verschijnt A Promised Land, het langverwachte eerste deel van president Obama’s memoires. Hierin schrijft president nummer 44 onder andere dat zijn opvolger, de geblondeerde nummer 45, mede in het Witte Huis belandde dankzij een racistische heksenjacht op zijn voorganger.

Dat kan kloppen, maar het is zeker niet het belangrijkste mechanisme achter het succes van Trump.

In zijn boek schrijft Obama dat zijn aanwezigheid in het Witte Huis bij veel Amerikanen een ‘diepgewortelde paniek’ veroorzaakte. ‘Dat is precies wat Donald Trump begreep toen hij beweerde dat ik niet in de Verenigde Staten was geboren en dus een onwettige president was. Voor miljoenen Amerikanen die opgeschrikt waren door een zwarte man in het Witte Huis, beloofde hij een tegenmiddel voor hun raciale angst.’

Of het om ‘miljoenen’ Amerikanen gaat weten we niet, maar het klopt dat Trump een hetze tegen Obama voerde. Wat ook klopt, is dat racisme in de Verenigde Staten diepgeworteld is. In Lang leve Trump wijd ik een hoofdstuk aan de toenemende maatschappelijke scheidslijnen tussen wit en zwart.

Een goede opleiding, carrière en de Amerikaanse droom verwezenlijken is een stuk makkelijker als je wit bent. Op straat lopen is zelfs eenvoudiger als je wit bent. Waar voor veel witte Amerikanen de politie je beste vriend is, proberen zwarte Amerikanen vooral hun aandacht niet te trekken. Voor velen van hen geldt wat Bruce Springsteen in American Skin (41 Shots) zo mooi verwoordde: You can get killed just for living in, your American skin.

In aanloop naar zijn presidentscampagne hielp Trump de leugen de wereld in dat Obama wellicht in Afrika geboren was, inspelend op een complottheorie die in de donkere krochten van het wereldwijde web al langer rondging. Wie de HBO-serie The Loudest Voice op NPO2 kijkt, weet dat FOX News dit onderstreepte door Obama aanvankelijk vooral Barack ‘Hussein’ Obama te noemen.

Toch leidt dit af van veel belangrijkere trends achter Trump – zo slaat zijn boodschap bij miljoenen Amerikanen aan.

In dezelfde jaren waarin hij leugens over president Obama’s geboorteplaats verspreidt, bouwt zakenman Trump aan zijn dollardoctrine. Consequent bepleit hij puur rendementsdenken op het wereldtoneel. Wereldwijd moet het aloude ‘voor wat, hoort wat’ gelden. De voedingsbodem voor dit betoog groeit – steeds meer kiezers en beleidsmakers plaatsen Amerika op één. Van alle plannen die Trump als president verwezenlijkt, kunnen zijn heronderhandelde handelsverdragen op de meeste steun rekenen.

De keerzijde van globalisering is voor veel Amerikanen een reden om in 2008 en 2012 op Obama te stemmen, maar in 2016 op Trump over te stappen. In de cruciale staten die Trump dat jaar president maken, koos een significant deel van de kiezers eerder voor Obama. Of deze kiezers racistisch zijn? Die kans is klein. Zij kijken ook rendementsgericht naar de politiek en stellen politici twee vragen: wie ben jij en wat ga jij voor mij doen?

Zo gingen de Verenigde Staten van president nummer 44 naar nummer 45. Van Obama naar Trump.

De wijze waarop Amerikaanse media de politiek verslaan, is een andere belangrijke trend achter de opmars van Trump. FOX News zag het levenslicht als tegenwicht aan nieuwszenders als CNN en MSNBC, alsmede de mainstream media. Deze media zouden te gekleurd zijn, wat vervolgens tot Trumps fake news-mantra leidde.

In 2008 stelde John McCain dat de media Obama als een messias bestempelen – de nuance was ver te zoeken. Toch verheug ik me op het boek van de voormalige president. Want hoewel hij geen messias is, is hij wél een begenadigd schrijver. Zijn boek Dreams From my Father leest heerlijk weg.

Echter, nu Trump in januari het Witte Huis verlaat en Obama’s voormalige vicepresident de ambtswoning betreedt, rijst de vraag: leren we de lessen van Trump?

Voor de Democraten is het te hopen van wel, want als de nasmaak van Trumps presidentschap is dat hij enkel slim inspeelde op raciale angsten, krijgt de partij van Obama en Biden over vier jaar opnieuw klappen van de Amerikaanse kiezer.